Activiteiten-gebaseerde vervoermodellen

Het berekenen van de evolutie in tijd en ruimte door een geïntegreerd multimodaal en activiteiten-gebaseerd vervoersmodel (IMOB)

kaart2

De impact van een light rail netwerk op het reizigersaantal is in het verleden vooral getest geweest aan de hand van discrete keuzemodellen en meervoudige regressie analyse. Naast de invloed op het reizigersaantal, vormt een light rail systeem een groot potentieel voor nieuwe stedenbouwkundige ontwikkelingen in de nabijheid van stations. Het is dan ook belangrijk om met deze nieuwe ruimtelijke ontwikkelingen rekening te houden bij de evaluatie van het light rail systeem, hetgeen betekent dat er een geïntegreerde terugkoppeling nodig is tussen de vraag- en aanbodzijde van mobiliteit. De meerwaarde in het huidig onderzoek is dan ook dat de openbaar vervoersvraag (OV-vraag) voorspeld wordt met behulp van het activiteitengebaseerd model Feathers dat binnen Imob geconcipieerd en geconstrueerd werd. Feathers biedt de mogelijkheid om de impact van ruimtelijke en infrastructurele ontwikkelingen (zoals de implementatie van het light rail netwerk) op de verkeersvraag te onderzoeken, alsook de impact van een aantal beleidsmaatregelen (bv. de subsidiëring van het OV). Feathers bepaalt de verplaatsingsbehoeften in Vlaanderen op basis van gerapporteerd verplaatsingsgedrag. De locatie van activiteiten en de verschillende transportnetwerken worden opgenomen in het model, op basis waarvan de verkeersvraag bepaald kan worden. Deze verkeersvraag wordt opgeslagen in een globale herkomst-bestemmingsmatrix (HB-matrix) en kan vervolgens worden toegedeeld op de corresponderende transportnetwerken. Binnen het huidige onderzoek wordt Feathers voor het eerst toegepast op de reële (Vlaamse) context –de case Leuven– waarbij rekening gehouden wordt met de ruimtelijke ontwikkelingen op vlak van nieuwe regionale vervoersnetwerken. Rapporten en publicaties